Controle en isolatie
De partner wil alles bepalen, luistert niet naar haar mening, beperkt haar contact met anderen en maakt haar afhankelijk van hem.
Let op patronen
Blijf doorvragen naar signalen om escalatie te helpen voorkomen.
De partner wil alles bepalen, luistert niet naar haar mening, beperkt haar contact met anderen en maakt haar afhankelijk van hem.
Slaan of duwen, haar negeren om haar te kwetsen, bedreigen, bij de keel grijpen, bang maken en ook geweld tijdens de zwangerschap.
Na een breuk haar blijven lastigvallen (bv. veel berichten sturen), en geweld dat steeds vaker en ernstiger wordt, vaak uitgelokt door emotionele gebeurtenissen zoals een scheiding.
Overdreven jaloers zijn, bang om haar te verliezen en haar behandelen alsof ze van hem is. Bijvoorbeeld zeggen dat ze niet buiten mag gaan zonder hem.
Een moeilijke achtergrond, zich minderwaardig voelen door de partner, botsende behoeften (afstand of net nabijheid) en ruzies die steeds verder escaleren. Bijvoorbeeld de ene heeft na een ruzie nood aan een gesprek en de andere juist aan afstand. Dit kan zorgen voor kwaadheid bij de ene, die zich niet gehoord voelt, en de ander, die het gevoel heeft dat zijn/haar noden niet gerespecteerd worden.
Kinderen inzetten als drukmiddel of dreigen hen af te nemen.
Haar aan zichzelf laten twijfelen, de omgeving misleiden en emotionele chantage (bv. dreigen met zelfdoding).
Alcohol- of drugsgebruik en hoge stress kunnen het gedrag verergeren.
Weinig steun, een veroordelende omgeving of beperkte hulpverlening, en veel tijd samen doorbrengen kunnen de situatie versterken.
Neem deze signalen extra ernstig, zeker wanneer ze samen voorkomen of toenemen na een dreigende breuk.